Een cliënt zit tegenover me, zichtbaar moe. “Ik snap het niet,” zegt ze. “Ik ben gevoelig, dat weet ik. Maar ik word niet moe van drukke winkels of harde geluiden of veel mensen. Ik word moe van alles voelen, van zorgen voor iedereen. Van altijd maar sterk zijn, en nooit rust vinden.”
Overbelasting
Als therapeut hoor ik dit vaker. Overbelasting bij hoogsensitieve mensen (HSP’ers) wordt vaak toegeschreven aan een teveel aan prikkels. En dat klopt ook. HSP’ers nemen meer waar, verwerken dieper, en hebben meer tijd nodig om indrukken te verwerken. Maar er is nog een andere kant, die minder zichtbaar is. Een kant die niet gaat over wat we voelen, maar waarom we blijven geven, aanpassen, zorgen – zelfs als het ten koste van onszelf gaat.
Die kant leidt ons vaak terug naar het gezin van herkomst. Naar oude, onbewuste patronen van loyaliteit.
Zorgdragen als overlevingsstrategie
Veel HSP’ers zijn van jongs af aan gewend geraakt aan zorgdragen. Niet omdat iemand het expliciet vroeg, maar omdat ze het aanvoelden. Ze merkten als kind dat hun moeder zich alleen voelde, dat hun vader gespannen was, dat er weinig ruimte was voor eigen emoties. En dus pasten ze zich aan. Ze zorgden voor harmonie. Ze hielden zich in. Ze maakten zichzelf klein, onzichtbaar soms – om de sfeer goed te houden.
Deze patronen zijn vaak zo diep ingesleten, dat we ze als volwassene nauwelijks herkennen. Ze voelen als “gewoon wie ik ben”. En precies dat maakt ze krachtig én uitputtend.
Zijnsloyaliteit
In het contextuele gedachtegoed van Ivan Boszormenyi-Nagy speelt loyaliteit een centrale rol. Een van de belangrijkste vormen is zijnsloyaliteit: de diepe, vanzelfsprekende verbondenheid tussen kind en ouder, simpelweg omdat je uit die ouder voortkomt. Deze loyaliteit is niet gebaseerd op gedrag of verdienste, maar op het feit dat het kind is.
Vanuit die zijnsloyaliteit kunnen kinderen – vaak onbewust – gevoelens van verantwoordelijkheid ontwikkelen. Ze willen bijdragen, goedmaken, of balans brengen in een systeem dat uit evenwicht is. Deze dynamiek is krachtig en liefdevol, maar kan ook tot overbelasting leiden als het kind structureel over zijn eigen grenzen gaat.
Voorbeelden hiervan zijn:
- De altijd zorgende dochter, die zichzelf pas rust gunt als iedereen om haar heen oké is.
- De conflict vermijdende zoon, die spanning voelt aankomen en zichzelf wegcijfert om de vrede te bewaren.
- De volwassene die altijd voor anderen klaarstaat, maar zich schuldig voelt als hij even iets voor zichzelf doet
Voor HSP’ers, die zo gevoelig zijn voor sfeer, emoties en onderstromen, is het extra makkelijk om in deze patronen te blijven hangen. Het voelen van andermans behoeftes en emoties gaat vanzelf. Maar het onderscheiden van wat van de ander is – en wat van jezelf – is vaak lastiger.
Overbelasting door oude patronen
Overbelasting ontstaat dus niet alleen door externe prikkels, maar ook door innerlijke overtuigingen en automatische reacties. Bijvoorbeeld:
- “Ik mag pas rusten als de ander zich goed voelt.”
- “Als ik ruimte inneem, val ik iemand anders lastig.”
- “Sterk zijn is normaal – hulp vragen voelt zwak.”
Deze overtuigingen zijn ooit ontstaan in een gezinssituatie waarin het nodig was om te overleven, je aan te passen of harmonie te bewaren. Maar in het hier en nu kunnen we daar last van krijgen. De draaglast groeit, terwijl de draagkracht afneemt.
Van inzicht naar rust en regie
Het (h)erkennen van deze patronen is vaak de eerste stap naar verandering. Niet door te oordelen of jezelf iets te verwijten, maar juist door mild te kijken naar hoe deze dynamieken ooit zijn ontstaan. Wat heeft het me ooit gebracht en is nu niet meer nodig?
Als HSP’er leer je steeds beter waar jouw grenzen liggen en wanneer je in oude rollen stapt die ooit helpend waren, maar nu niet meer. Het helpt je om niet telkens over je eigen grenzen te gaan, maar om op tijd in te grijpen. Zodat je niet hoeft te wachten tot het te veel is — maar eerder al kiest voor rust, balans en zelfzorg.
Deze bewustwording vraagt oefening, soms begeleiding, maar bovenal nieuwsgierigheid naar je eigen verhaal en gaat soms gepaard met schuldgevoel en ongemakkelijkheid. Veranderen kost tijd en oefening.
Geen oordeel, wel een keuze
Loyaliteit is op zichzelf niet verkeerd. Het is juist een krachtige vorm van liefdevolle verbondenheid. Iets mogen betekenen voor een ander geeft vaak diepe voldoening.
Maar wanneer die loyaliteit doorslaat – als je structureel over je eigen grenzen gaat, steeds jezelf vergeet of chronisch overbelast raakt – is het tijd om stil te staan.
Dan gaat het er niet om dat je minder geeft, maar dat je leert onderscheiden wat werkelijk van jou is, en wat je (onbewust) voor een ander draagt.
Soms betekent dat: iets laten bij de ander. Niet uit onverschilligheid, maar juist uit liefde – ook voor jezelf.
Voor jezelf zorgen is geen egoïsme. Juist door jezelf serieus te nemen, ontstaat er ruimte. Ruimte voor herstel, energie, en een steviger ‘ik’. En vanuit die plek kun je vaak juist meer geven — op een manier die voedend is, in plaats van uitputtend.
Hoogsensitiviteit is geen zwakte, maar een kwaliteit. Door inzicht te krijgen in hoe jouw gevoeligheid verweven is met je familiegeschiedenis, kun je bewuster kiezen:
- Wil ik dit blijven doen?
- Dient dit mij nog?
- Mag ik ook kiezen voor mezelf, zonder schuld?
Tot slot
Als HSP’er is het waardevol om niet alleen naar buiten te kijken – naar prikkels, drukte, verwachtingen – maar ook naar binnen. Naar wat je als kind geleerd hebt over zorgen, aanpassen, ruimte innemen. Wanneer je met zachte ogen kijkt naar deze oude patronen, kun je stap voor stap ruimte maken voor nieuwe. Voor eigenheid, rust en regie. Niet door de ander af te wijzen, maar door jezelf niet langer over te slaan.
Noortje Franse is therapeut en contextueel opgeleid. “In mijn praktijk begeleid ik mensen die vastlopen in stress, scheiding, trauma, grenzen of een negatief zelfbeeld. Als HSP weet ik hoe intens het leven kan binnenkomen. Daarom werk ik met rust, diepgang en zonder oordeel — met aandacht voor wie jij bent en wat je nodig hebt. Ik geef daarnaast trainingen aan hulpverleners die werken met gezinnen en jongeren.” Meer over haar werk vind je op: www.noortjefranse.nl
Bronvermelding
- Aron, E. N. (1996). The Highly Sensitive Person. New York: Broadway Books.
- Boszormenyi-Nagy, I., & Krasner, B. R. (1986). Between Give and Take: A Clinical Guide to Contextual Therapy. Brunner/Mazel.

