(0592) 861 792 info@hoogsensitief.nl

Voel jij de pijn, het verdriet of de vreugde van anderen? Hoef je de ander maar aan te kijken om te weten hoe ze in hun vel zitten? Voel je wanneer ze liegen als ze zeggen dat het prima gaat? Dan heb je waarschijnlijk een sterke emotie-wifi.

 

Neurale wifi

Daniel Goleman (2009) gebruikt de term ‘neurale wifi’ om te beschrijven hoe het proces van emotionele besmetting verloopt. Er loopt een draadloze verbinding van het ene brein naar het andere om informatie te versturen. Dit gaat onbewust en sneller dan de wifi-verbinding thuis. Die neurale verbinding zorgt ervoor dat je begrijpt wat er in de ander omgaat. Dat kan cruciale informatie zijn om te overleven in de groep; belangrijke emoties, zoals angst, worden zo gedeeld, zodat iedereen zich kan voorbereiden op een bedreigende situatie. Maar de informatie helpt ook bij het leren van nieuwe vaardigheden.

 

Spiegelneuronen

Specifieke neuronen in de hersenen spelen een rol bij dit proces. De spiegelneuronen. Die neuronen ‘vuren’ op dezelfde manier als de persoon die we iets zien doen. Zien lopen activeert dezelfde neuronen als zelf lopen. Zien huilen dezelfde als zelf huilen. In dit filmpje zie je hoe deze neuronen ontdekt werden en waarom ze belangrijk zijn.

Hersenen

Er zitten veel spiegelneuronen in de premotorische cortex (Goleman, 2009). Daardoor kan het bestuderen van een activiteit bij een ander (bijvoorbeeld hardlopen of golfen) ons beter maken in die activiteit. Spiegelneuronen zijn belangrijk bij het nabootsend leren van nieuwe activiteiten.
Ook de insula bevat veel spiegelneuronen. Die zijn vooral betrokken bij het duiden van intentie, het afleiden van sociale implicatie en het identificeren van emoties. Spiegelneuronen maken het dus mogelijk te begrijpen wat er in de ander omgaat, niet door redeneren, maar door zelf te voelen. En laat dat gebied nou net sterker ontwikkeld zijn bij hoogsensitieve personen.

 

Hoogsensitieve brein

Bij hoogsensitieve mensen worden de spiegelneuronen in de insula sterker geactiveerd dan bij niet-hoogsensitieve mensen. Uit onderzoek van Bianca Acevedo (2014) blijkt dat HSP bij het kijken naar foto’s van gezichten, een sterker geactiveerde insula hadden. Ze spiegelen dus sterker de emoties die ze waarnemen op het gezicht van de ander. Dit verklaart waarom zoveel hoogsensitieve mensen aangeven sterk beïnvloed te worden door het humeur en de emoties van anderen. Ze signaleren de emoties sneller en ervaren die intenser. Deze kennis is belangrijk omdat het hoogsensitieve mensen bewust kan maken van hun talenten en hun valkuilen.

 

Talent

Spiegelneuronen zijn onder andere van belang bij empathie, zoals ook in het filmpje hierboven te zien is. Emapthie is volgens Goleman (2013) het aanvoelen wat andere mensen denken en voelen, zonder dat ze dit in woorden aan ons overbrengen. Hij onderscheidt drie soorten empathie:

  1. Cognitieve empathie: kunnen innemen van het gezichtspunt van anderen
  2. Emotionele empathie: meevoelen met de ander
  3. Empathische betrokkenheid: mensen willen helpen waarvan je aanvoelt dat ze hulp nodig hebben.

De sterkere activering van de insula duidt erop dat er bij hoogsensitieve mensen in ieder geval sprake is van een sterkere emotionele empathie. Tania Singer toonde een verband tussen insula en emotionele empathie aan. Volgens Goleman zijn mensen die uitblinken in deze vorm goede adviseurs, leraren en groepsleiders (Goleman, 2013).  Daarnaast kunnen ook de andere twee vormen van empathie sterk ontwikkeld zijn bij hoogsensitieve mensen. Zo kunnen veel HSP zich goed verplaatsen in de ander (de cognitieve empathie). In veel (werk)situaties is dat een groot voordeel. En is de empathische betrokkenheid groot: je staat al klaar voordat de ander om hulp gevraagd heeft.

 

Valkuil

Heel mooi die emotie-wifi van hoogsensitieve mensen, maar het is niet alleen maar fijn. De nadelen van het goed aanvoelen van anderen kunnen zijn dat je:

  1. Overspoeld raakt door de emoties van anderen;
  2. Je eigen emoties niet kunt onderscheiden van die van anderen;
  3. Automatisch meebeweegt met de ander zonder je eigen belangen in het oog te houden.

Om dit te voorkomen is het in de eerste plaats belangrijk dat je je bewust wordt van wat er gebeurt. De emotie-wifi opereert onbewust. Daardoor begrijp je het zelf niet altijd als je overspoeld raakt. Door je bewust te worden van dit proces, kan je leren ingrijpen voordat je overspoeld raakt.

Emotional granularity

Een uitgebreid emotie-woordenboek kan je hierbij helpen. Lisa Feldman Barrett (2017) beschrijft in haar omvangrijke “How Emotions are made” hoe belangrijk het is een ruime emotie-woordenschat te hebben. Emotional granularity noemt ze dat. Hoe preciezer je verschillende emoties van elkaar kunt onderscheiden, hoe beter dat zelfs blijkt te zijn voor je fysieke en mentale gezondheid.

Een dagboek waarin je je eigen emoties beschrijft en noteert welke emoties je bij anderen ervaart kan je helpen minder snel overweldigd te raken. Daarna ben je in staat bewuster te kiezen welke actie je neemt. Doe je als vanzelf wat anderen nodig hebben? Ben je onbewust empathisch betrokken? Of sta je bewust stil bij je eigen belangen en behoeftes en neem je daarna pas de beslissing? Zo kan je goed voor jezelf én de ander zorgen.

Emotie wifi

Hoogsensitieve mensen hebben dus een krachtiger emotie wifi omdat de spiegelneuronen in hun hersenen sterker geactiveerd worden. Dat zorgt er onder andere voor dat hun empathie goed ontwikkeld is. Een belangrijke vaardigheid. De keerzijde is dat veel HSP zich overweldigd voelen door emoties van anderen. Door je bewust te worden van dat proces en door jouw emoties en die van anderen goed van elkaar te leren onderscheiden, kun je dat voorkomen.

Verwijzingen:

Bianca Acevedo, et.al (2014), The highly sensitive brain: an fMRI study of sensory processing sensitivity and response to others’ emotions. Brain Behav, 4: 580–594. doi:10.1002/brb3.242.

Daniel Goleman (2009), Sociale intelligentie, Business Contact, Amsterdam.

Daniel Goleman (2013), Het brein en emotionele intelligentie, Business Contact, Amsterdam.

Lisa Feldman Barrett (2017), How Emotions are made, Pan Macmillan, New York.